10 T/M 13 MEI 2018 GRATIS TOEGANG

Hoe win je de Derby van CSI Eindhoven? 5 vragen aan Wout-Jan van der Schans.

5/7/2018 8:42:38 PM


Wout-Jan van der Schans werd vorig jaar nog knap vierde in de 1.55m GP van CSI Eindhoven met Capetown (Oklund). Foto Wendy Scholten
Als iemand weet hoe je de Derby van CSI Eindhoven wint, is dat Wout-Jan van der Schans wel. De voormalig eventingruiter en al vele jaren meedraaiend op de internationale springconcoursen won de uithoudingsproef al vijf keer. Op zaterdagmiddag 12 mei is hij er weer bij in de Derby die voor het eerst gesponsord wordt door Van Schijndel Bouwgroep.
 
1. Wout-Jan, je won de Derby al vijf keer. Wat was je geheim?
“Ik won met paarden die net wat meer ervaring hadden en gespecialiseerd waren in Derby’s te lopen. Als ik met hen van start ging, wist ik dat ik een goede kans had om voorin te eindigen. Daarna heb ik nog wel een paard gehad, Zorro. Die liep de Derby van La Baule bijvoorbeeld heel goed, maar in Eindhoven lukte het nooit zo. De lijn van de wal af richting de sloot liep om een of andere reden nooit goed en dat kostte steeds een hoog klassement. Ik heb een paar jaar niet meer mee gedaan omdat ik er geen paard voor had.”
 
2. Wat voor een soort paard heb je voor Eindhoven nodig?
“Een die vlug is, handig en snel een galopsprong erbij kan maken. Een paard dat snel kan improviseren. Het uiterste vermogen heb je niet nodig, maar wel de handigheid en brutaliteit om van de wal af te komen. Niet aarzelen, want dan heb je al snel dat lage balkje bovenop de wal aan de benen. Verder heb je een beetje geluk nodig. Alles hangt er een beetje vanaf hoe je de wal af komt en bij de volgende hindernis uitkomt.”
 
3. Hoe bereid je een paard voor op de Derby?
“Nou, dat is soms best lastig. Het is moeilijk om een terrein te vinden met Derby-elementen daarin. Ik ben voor nu wezen trainen bij de eventingfamilie Boonzaaijer in Woudenberg. Die hebben een hoop op- en afsprongetjes en een bultje waar je vanaf kan en waar je tegenop kan springen. Daar heb ik een klein beetje oefenen. Het is dus een beetje koffiedik kijken hoe mijn paard het aanpakt in Eindhoven.”
 
4. Hoe schat je je kansen voor dit jaar in?
“Ik start Eloma’s Blue SFN van Springpaardenfonds Nederland. Een voorzichtig paard waar ik ook heel voorzichtig mee ben. Als hij in de kwalificatie aangeeft dat hij er niet klaar voor is en onzeker wordt, ga ik hem zaterdag niet starten. Maar dat gevoel gaf hij me niet bij het oefenen. Ik heb dus goede hoop dat we zaterdag kunnen meedoen. Als hij de proef brutaal aanpakt, is het eigenlijk een ideaal paard ervoor. Hij is heel voorzichtig en kan snel verkorten in zijn galop. Enig punt is dat ie heel weinig ervaring en ook nog niet veel op gras gesprongen heeft. We zullen het zien.”
 
5. Parcoursbouwer Louis Konickx heeft vorig jaar een aantal aanpassingen aangebracht en het Derby-parcours iets vereenvoudigd. Is dat een goede ontwikkeling of mag de Derby best wat zwaarder blijven?
“Het grootste verschil is de lijn van de wal richting de sloot. Die zit er niet meer in. Dat was eerder een mooie lijn, typisch Eindhoven, maar ook heel moeilijk. Zorro kwam altijd ongelukkig de wal af en nooit mooi bij de sloot. Ik kreeg hem niet genoeg onder controle. Met de paarden waarmee ik won, had ik er nooit problemen mee maar misschien was dat ook wel omdat de wal toen nog wat lager was. Toch was het een goed idee om het parcours wat aan te passen om genoeg deelnemers aan de start te krijgen. Het wordt immers steeds moeilijker om je paarden goed voor te bereiden. Nu houd je het uitnodigend voor de ruiters. Ik hoop dat we de moeilijke dingetjes al in de kwalificatieproef te springen krijgen, zodat de paarden het alvast wat kennen. En dat die lastige lijn er niet in zit. Die zesde Derby-zege zou me wel passen.”
 
 
Auteur: Wendy Scholten